Actueel

Recensie | De vrije moraal

Afgelopen januari kwam D66 met het manifest #ikmaakmedrug, waarin de partij pleitte voor een andere drugsaanpak. De ophef die vervolgens ontstond liet weer eens zien dat over de regelgeving rondom genotsmiddelen veel discussie bestaat. In ‘De vrije moraal’, beschrijft Boris van der Ham de Nederlandse (parlementaire) geschiedenis van deze dilemma’s rond seks, drank en drugs. Dit jaar verscheen hiervan de tweede, herziene druk.

Het boek bestaat voor het eerste, grootste gedeelte uit een historische analyse van het debat dat gevoerd werd in de Tweede Kamer en de samenleving. Daarbij begint Van der Ham in de tijd dat ons land bezet was door de Fransen, die in 1811 de Code Pénal invoerden. Kerk en staat werden gescheiden en wetgeving was dus betrekkelijk vrij, bijvoorbeeld met betrekking tot zedenwetgeving. Ook nadat ons land onafhankelijk werd van Frankrijk bleef die wetgeving grotendeels overeind.

Het idee dat wetgeving niet moet voorschrijven hoe mensen zich moeten gedragen veranderde later in de 19e eeuw, door de problematiek rondom alcohol. Ook de liberalen werden ervan overtuigd dat wetgeving noodzakelijk was om overlast, geweld en vechtpartijen tegen te gaan; door de vrijheid van de alcoholdrinker werd de vrijheid van een ander ingeperkt. Daarnaast werd er wetgeving opgesteld met betrekking tot zedelijkheid.

Begin 20e eeuw ging de regering daar nog een stap verder in, onder het eerste kabinet dat een volledige christelijke grondslag kende; Kuyper 1. Vanaf hier laat Van der Ham telkens het verschil zien tussen de christelijke en de vrije moraal. Langs de vrije jaren ‘60, de opkomst van drugs en de bijbehorende problematiek in de samenleving en in 1994 de ‘eerste regering van de vrije moraal’, komt hij bij zijn eigen tijd als D66’er in de Tweede Kamer.

Het boek eindigt in een pleidooi voor de vrije moraal. Dit betekent niet dat dan alles maar moet mogen en moet kunnen, een vooroordeel waar van der Ham vaak tegenaan zegt te lopen. Moraal en vrijheid zijn in het betoog ook niet elkaars tegenpolen; grenzen en verantwoordelijkheid zijn juist voorwaarden voor vrijheid, betoogt Van der Ham.

De vrije moraal geeft een mooie samenvatting van de opkomst en het verloop van het vrije denken en de daarbij horende vrije moraal. Als lezer word je meegenomen op een vlotte reis door de parlementaire geschiedenis van de debatten rondom seks, drank en drugs. Van der Ham kiest duidelijk positie en pleit voor de herleving van de vrije moraal, met de individuele verantwoordelijkheid die daar volgens hem bij hoort.

Boris van der Ham
Boris van der Ham zat in de Tweede Kamer voor D66, van 2002 tot 2012. Daarna werd hij voorzitter van het Humanistisch Verbond, waar hij zich sterk maakt voor de bescherming van vrijheid. In 2012 kwam ook de eerste versie van dit boek uit.