“OESO waardeert innovatief beleid hulp en handel kabinet”, zo staat er boven een nieuwsbericht dat het ministerie van Buitenlandse Zaken op 28 juni 2017 op zijn website plaatste. De OESO/DAC Peer Review van het Nederlandse beleid op het gebied van Ontwikkelingssamenwerking (OS) is inderdaad op een aantal punten lovend, maar uit aan de andere kant ook kritiek op o.a. de ontwikkeling van het Nederlandse OS-budget. In de regeerakkoordonderhandelingen staan D66 en de ChristenUnie op dit onderwerp lijnrecht tegenover de VVD. Een eventueel compromis dat  in het midden uitkomt, zal weinig verandering in de door de OESO gesignaleerde trend brengen.

Zichtbare bezuinigingen
Tussen 1975 en 2012 overtrof Nederland ieder jaar de doelstelling om 0,7% van het bruto nationaal inkomen (BNI) uit te geven aan OS. In 2013 en 2014 daalden de uitgaven aan ‘official development assistance’ (ODA) echter tot onder de 0,7%, om te stijgen naar 0,75% in 2015. De OESO verwacht in het bij Nederland afgenomen OS-landenexamen dat dat het uiteindelijke percentage voor 2016 zal zijn gedaald naar 0,65% BNI.

De omvang en de voorspelbaarheid van de Nederlandse OS-uitgaven zijn volgens de OESO verminderd door bezuinigingen en doordat het kabinet kosten van klimaatfinanciering en vluchtelingenopvang onder de OS-uitgaven heeft geschoven. Zo bevatte het regeerakkoord van het kabinet-Rutte II uit 2012 bezuinigingen op OS oplopend tot € 1 miljard vanaf 2017. Ook is in 2012 afgesproken dat publieke uitgaven voor de lange termijn financiering van het internationale klimaatbeleid worden gefinancierd uit het OS-budget. Het kabinet-Rutte I zette al eerder een verlaging van het OS-budget van 0,8% van het bruto nationaal product (BNP) naar 0,7% in gang.

Uitholling budget
De klimaat- en asieluitgaven hebben volgens de OESO in feite een soort eerste recht op de OS-middelen gekregen, waardoor het budget voor andere OS-doelstellingen wordt uitgehold en minder goed voorspelbaar is. De OESO wijst er in dit verband op dat de omvang van de Nederlandse internationale klimaatfinanciering naar verwachting stijgt tot € 1,2 miljard per jaar in 2020.

Naar 0,48% BNI
Op basis van de prognoses van het Nederlandse kabinet rekent de OESO op een sterke daling van de officiële OS-uitgaven in de jaren 2017-2019 naar 0,48% BNI. Dit betekent volgens de OESO een risico voor de internationale reputatie van Nederland en voor de houdbaarheid van de stappen in ontwikkeling die met Nederlandse steun zijn gemaakt. Het rapport beveelt aan de daling van de ODA-uitgaven te stoppen en hernieuwde pogingen te doen om op een percentage van 0,7% BNI uit te komen.

Controversieel onderwerp?
De Tweede Kamercommissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking neemt in haar procedurevergadering van 14 september 2017 een besluit over de wijze van behandeling van de aanbevelingen en aanbieding van het OESO-rapport. Als de kabinetsformatie tegen die tijd nog niet is afgerond, lijkt het Nederlands Ontwikkelingsexamen typisch een onderwerp voor de Tweede Kamer om, in afwachting van een nieuw kabinet, controversieel te verklaren. Het regeerakkoord zal immers de financiële kaders bepalen waar OS de komende tijd mee te maken krijgt. Hoe denken de nu onderhandelende partijen hierover?

De standpunten
Uit de verkiezingsprogramma’s van de VVD, het CDA, D66 en de ChristenUnie blijkt dat de VVD de uitgaven aan ontwikkelingssamenwerking met € 0,2 miljard wil verhogen voor de bekostiging van asielopvang in de regio. Hier tegenover staat echter een bezuiniging van € 2,8 miljard door de ODA-uitgaven te beperken tot noodhulp, verplichte bijdragen en toerekeningen. Verder vindt de VVD dat uitgaven aan militaire veiligheidsoperaties ter bevordering van stabiliteit in landen voortaan ook onder de ODA-norm moeten vallen, evenals nieuwe financieringsvormen op het terrein van migratie, die tot nu toe niet als ODA geregistreerd mogen worden.

Het CDA is van mening dat er de afgelopen decennia te veel is bezuinigd op de middelen voor internationale samenwerking, en wil de uitgaven aan ontwikkelingssamenwerking ten behoeve van asielopvang in de regio met 0,2 miljard verhogen. D66 wil dat Nederland minimaal 0,7% BNP besteedt aan duurzame ontwikkeling in minder ontwikkelde landen en trekt hier € 0,8 miljard voor uit. Daarnaast wil D66 (alleen) in de komende kabinetsperiode jaarlijks € 0,3 miljard inzetten voor noodhulp en opvang in de regio. D66 vindt ten slotte dat uitgaven voor internationale klimaatfinanciering die voorvloeien uit het klimaatverdrag van Parijs, niet ten laste mogen gaan van het budget voor ontwikkelingssamenwerking.

De ChristenUnie wil de uitgaven voor zuivere ontwikkelingssamenwerking weer in de richting van 0,7% BNP laten groeien door deze uitgaven met € 1 miljard te verhogen, onder andere voor asielopvang in de regio en armoedebestrijding.

Mogelijke uitkomst
De afloop van de kabinetsformatie als geheel is op dit moment nog onzeker. Wel duidelijk is dat D66 en de ChristenUnie als het om het OS-budget gaat niet tegenover elkaar staan, maar tegenover de VVD. Het verkiezingsprogramma van deze partij ontmantelt het OS-beleid grotendeels, terwijl D66 en de ChristenUnie het budget terug willen brengen richting de 0,7% BNP. Indien er een compromis zou worden gesloten dat ergens in het midden van deze uitersten uitkomt, betekent dit dat er weinig van de OESO-aanbeveling terecht zal komen om terug te keren naar de 0,7%.

Deze blog is geschreven door Marcel de Ruiter, senior onderzoeker bij Van Oort & Van Oort.

Comments are closed.