Onder druk van een kleine Tweede Kamermeerderheid heeft minister Kamp een kabinetsnotitie over transparantie in het wetgevingsproces aangekondigd. Ook worden de Aanwijzingen voor de regelgeving in overeenstemming gebracht met de bestaande praktijk rond internetconsultaties. Het kabinet voelt er weinig voor om alle contacten met lobbyisten tot in detail openbaar te maken. Enerzijds voorkomt dit dat er regels worden ingevoerd die in de praktijk niet altijd even makkelijk zijn uit te voeren of interpreteren. De keerzijde is dat er ten onrechte een sfeer van geheimzinnigheid kan blijven hangen die de reputatie van lobbyisten geen goed doet.

Motie-Van Gerven/Oosenbrug
De Tweede Kamer heeft op 1 maart 2016 de motie-Van Gerven/Oosenbrug (SP/PvdA) over toevoegen van een lobbyparagraaf aan wetsvoorstellen aangenomen. De motie verzoekt de regering over te gaan tot het toevoegen van een lobbyparagraaf (legislative footprint) aan wetsvoorstellen. De bedoeling hiervan is de transparantie te vergroten door aan te geven wie op welke onderdelen van een wetsvoorstel invloed heeft gehad. Hoewel de motie door een Kamermeerderheid is aangenomen, bestaat er behoorlijke politieke verdeeldheid over het onderwerp. Van de 150 Tweede Kamerleden stemden er 73 tegen, waaronder de fracties van VVD, CDA, PVV en SGP.

Kamp beperkt toepassing tot consultatiefase
Op 11 april 2016 informeerde minister Kamp de Kamer over de uitvoering van de motie-Van Gerven/Oosenbrug. Volgens Kamp wordt in de memorie van toelichting bij een wetsvoorstel al op een rij gezet welke reacties in de consultatiefase zijn ontvangen op een conceptwetsvoorstel, wat de inhoud ervan was en wat hiermee gedaan is in het voorstel. In zijn brief kondigt de minister ook een wijziging aan van de zgn. ‘Aanwijzingen voor de regelgeving’.  Deze Aanwijzingen bevatten vorm- en procedurevoorschriften voor wet- en regelgeving. In de Aanwijzingen zal meer expliciet worden opgenomen dat in de memorie van toelichting verantwoording wordt afgelegd over de opmerkingen uit de consultatie en wat daarmee is gebeurd in de tekst van het wetsvoorstel of de memorie van toelichting.

Opvallend is dat minister Kamp in zijn brief alleen ingaat op beïnvloeding in het (tamelijk formele) stadium van consultatie van wetgeving. Hoe om te gaan met lobby op andere manieren en/of andere momenten blijft daarmee buiten beschouwing. Hetzelfde geldt voor de beïnvloeding van andere beleidsinstrumenten dan wet- en regelgeving, hoewel de motie ook niet specifiek om het laatstgenoemde vraagt.

Toezegging Dijsselbloem
Ook opmerkelijk is dat minister Dijsselbloem de Tweede Kamer in februari tijdens een debat over de invloed van bedrijven op belastingwetgeving reeds toezegde voortaan in wetgeving een lobbyparagraaf op te nemen, “hoewel we die niet zo zullen noemen”. Dijsselbloem: “Als er bredere contacten zijn geweest, dan zullen we de onderwerpen en de gesprekspartners daarbij vermelden, alles binnen het redelijke, hoop ik. Ik hoop niet dat ik elk contact en elk gesprekje dat ik heb gehad met mensen die ik op een bijeenkomst ergens tegenkom, voortaan allemaal in een wetsvoorstel moet gaan vermelden. Het moet allemaal niet hysterisch worden. Het gaat erom dat er transparantie wordt geboden.”

‘Inbreng belanghebbenden vaak onontbeerlijk’
Eind april reageerden de Tweede Kamerfracties van de PvdA, SP, D66 en de Partij voor de Dieren in commissieverband schriftelijk op de brief van minister Kamp. Vanuit de fracties die tegen de motie-Van Gerven/Oosenbrug hebben gestemd, is geen commentaar geleverd. In zijn antwoorden d.d. 21 juni benadrukt minister Kamp dat een bewindspersoon volledig verantwoordelijk is voor de inhoud van ‘zijn’ wetsvoorstel, en dat er niets mis mee is als betrokken partijen in alle stadia via alle mogelijke kanalen invloed trachten uit te oefenen op de inhoud. Kamp vindt het van groot belang dat een bewindspersoon, net als het parlement, een wetsvoorstel voorbereidt met kennis van hoe de belanghebbenden over het onderwerp denken. “Externe inbreng van belanghebbenden tijdens het proces is daarvoor vaak onontbeerlijk”, aldus de minister.

Kabinetsnotitie over transparantie wetgevingsproces
In zijn antwoorden laat minister Kamp weten dat hij samen met de ministers van Veiligheid en Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een kabinetsnotitie gaat maken over transparantie van het wetgevingsproces. In de notitie zal het kabinet ook reageren op de onderdelen van de initiatiefnota ‘Lobby in daglicht‘ van de PvdA die over het wetgevingsproces gaan en de motie- Oosenbrug c.s. over het verstrekken van overheidsinformatie. De notitie zal verder ingaan op de vraag of alle input die wordt geleverd op wetsvoorstellen en beleidsnota’s openbaar moet zijn.

Actualisering Aanwijzingen voor de regelgeving
Minister Kamp geeft in antwoord op een vraag van D66 meer openheid over wat hij wil wijzigen aan de Aanwijzingen voor de regelgeving. De huidige tekst van de Aanwijzingen gaat nog uit van een situatie van voor het gebruik van internetconsultatie, waarin het gebruikelijk was dat consultatie plaatsvond bij specifieke belangengroepen en advisering door specifieke adviescolleges. Dit zal worden aangepast aan de huidige praktijk waarin iedereen de mogelijkheid krijgt om te reageren op een wetsvoorstel dat voor internetconsultatie wordt aangeboden. De wetgever zal worden verplicht aan te geven wat er met de geleverde inbreng is gedaan. Hoe dit precies zal worden geformuleerd in de Aanwijzingen, kan minister Kamp nog niet zeggen. Dit hangt af van de uitkomsten van de aangekondigde kabinetsnotitie over transparantie van het wetgevingsproces. Daarin wordt onder andere bekeken in hoeverre openheid kan worden gegeven over wie de inbreng heeft geleverd.

Kamp schrijft verder dat in de memorie van toelichting bij een wetsvoorstel waar nuttig en wenselijk ook wordt ingegaan op inbreng op een wetsvoorstel die is geleverd buiten de formele consultatie om, en dat dit zal worden opgenomen in de wijziging van de Aanwijzingen voor de regelgeving. De minister vindt echter niet dat over elk contact met externe partijen verantwoording kan en moet worden afgelegd in de memorie van toelichting.

Hoe verder?
De Tweede Kamercommissie voor Economische Zaken bespreekt in haar procedurevergadering van 5 juli a.s. de wijze van behandeling van de antwoorden van minister Kamp. Deze heeft toegezegd dat de Kamer met de kabinetsnotitie over transparantie van het wetgevingsproces ook een concept zal ontvangen voor de aanpassing van de Aanwijzingen voor de regelgeving. Daarnaast komt er deze zomer een kabinetsreactie op de initiatiefnota van de PvdA, voor zover deze niet over het wetgevingsproces gaat. In de brief over de initiatiefnota zal het kabinet ook reageren op het voorstel om de agenda’s van bewindspersonen openbaar te maken.

Deze blog is geschreven door Marcel de Ruiter, senior onderzoeker bij Van Oort & Van Oort.

Comments are closed.