Op 2 september komt de Tweede Kamer terug van zomerreces. Hoewel het nieuwe parlementaire jaar officieel pas op Prinsjesdag van start gaat, voelt het nu toch al een beetje als de start van het nieuwe schooljaar. Politiek beloven het weer interessante tijden te worden. Voor belangenbehartigers is er veel om naar uit te kijken.

Begrotingsbehandelingen
Zoals gebruikelijk staat het najaar in het teken van de diverse departementale begrotingsbehandelingen, plus de debatten over de fiscale veranderingen voor het komend jaar zoals opgenomen in het Belastingplan en de daaraan gerelateerde belastingvoorstellen. Deze begrotingsstukken worden door het kabinet, samen met de Miljoenennota 2015, op 16 september (Prinsjesdag) ingediend bij de Tweede Kamer. Op 14 augustus heeft het Centraal Planbureau (CPB) al de belangrijkste nieuwe economische prognoses voor 2014 en 2015 bekendgemaakt. Het kabinet heeft deze in augustus betrokken bij de afronding van de besluitvorming over de begroting.

De fractievoorzitters in de Tweede Kamer debatteren op 17 en 18 september tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen (APB) met premier Rutte over de hoofdlijnen van het beleid. Dan komt ongetwijfeld ook de besteding van de uitgavenreservering van € 0,6 miljard vanaf 2014 ter sprake. Minister Dijsselbloem heeft deze reservering in mei opgenomen in de Voorjaarsnota, mede met het oog op mogelijk hogere betalingen aan de Europese Unie in verband met de nieuwe berekeningswijze van het bruto binnenlands product.

Oprichting Toekomstfonds
Naar verwachting komt de Rekenkamer eind september met een rapport over de besteding van de gasbaten in de jaren 1995-2011 via het Fonds Economische Structuurversterking (FES). De bevindingen van de Rekenkamer zijn interessant met het oog op de voorgenomen oprichting van een Toekomstfonds voor de financiering van innovatie gericht op duurzame economische groei. Dit Toekomstfonds zal mede uit de (extra) aardgasbaten worden gefinancierd en doet enigszins (maar zeker niet volledig) denken aan het vroegere FES. De door de Kamer aangenomen motie-Pechtold c.s. verzoekt de regering om uiterlijk op Prinsjesdag 2014 een voorstel te doen voor een Toekomstfonds.

Hervorming langdurige zorg en decentralisaties
Het wordt de komende maanden spannend of het staatssecretaris Van Rijn (VWS) gaat lukken de volledige hervorming van de langdurige zorg (HLZ) tijdig voor 1 januari door het parlement te krijgen, zodat de HLZ voor de volle 100% van start kan in 2015. Het wetsvoorstel voor de Wmo 2015 (over de overheveling van AWBZ-taken naar gemeenten) is op 8 juli al wel aanvaard door de Eerste Kamer. Het wetsvoorstel voor de Wet langdurige zorg (over de resterende ‘romp-AWBZ’) ligt echter nog in de Tweede Kamer. Daarna wacht de Eerste Kamer. Ook de wet die vanaf 2015 de decentralisatie van budgetten voor maatschappelijke ondersteuning, participatie en jeugd moet regelen, is nog in behandeling bij de Tweede Kamer.

Aankomende debatten
Andere in het oog springende wetsvoorstellen waar de Tweede Kamer over komt te debatteren, gaan over het studievoorschot en over de aanpassing van het financieel toetsingskader (FTK) voor pensioenen. Mede met het oog op de uitvoering van het Energieakkoord bereidt minister Kamp verder een herziening van de Elektriciteits- en Gaswet voor. Minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker hebben aangekondigd in september hun Toekomstvisie Wetenschap aan de Tweede Kamer te sturen. De openbare verhoren van de parlementaire enquêtecommissie Fyra zijn vooralsnog gepland in december 2014 en januari 2015.

Daarnaast zal in het nieuwe parlementaire jaar duidelijk moeten worden hoe minister Schippers de resterende bezuiniging ‘stringent pakketbeheer’ op het basispakket van de zorgverzekering ( € 75 miljoen in 2016 en € 225 miljoen vanaf 2017) precies denkt te realiseren. De minister heeft de Tweede Kamer in juli laten weten dat hierin het komende jaar een grote slag moet worden gemaakt door Zorginstituut Nederland.

Rapporten en adviezen
Belangrijke rapporten en adviezen die de komende tijd te verwachten zijn, zijn o.a. het eindrapport van de parlementaire enquêtecommissie Woningcorporaties (najaar 2014) en een SER-advies over de rol van de sociale partners bij de toekomstige arbeidsmarktinfrastructuur (vóór 1 december 2014). De SER streeft ernaar in het najaar een vervolgadvies uit te brengen over betaalbare zorg voor toekomstige generaties. Het Centraal Planbureau ten slotte werkt aan een boek over de toekomst van de onderkant van de arbeidsmarkt (publicatie verwacht in het vierde kwartaal van 2014).

Provinciale Statenverkiezingen
In de loop van het najaar zullen de politieke partijen zich steeds drukker gaan maken over naderende verkiezingen. Om te beginnen zijn er op 19 november gemeentelijke herindelingsverkiezingen in Den Bosch, Oss, Alkmaar, Nissewaard, Groesbeek en Krimpenerwaard. De landelijke politiek zal deze beschouwen als een soort tussentijdse peiling en een opwarmertje voor de Provinciale Statenverkiezingen van 18 maart 2015. Een groot deel van het parlementaire jaar zal vervolgens in het teken staan van de naderende Provinciale Statenverkiezingen.

Nieuwe Eerste Kamer
Aangezien de nieuw gekozen Provinciale Staten op 26 mei een nieuwe Eerste Kamer kiezen, bepalen de Provinciale Statenverkiezingen of de VVD en de PvdA gedurende de rest van de kabinetsperiode alsnog een meerderheid verwerven in de senaat. Mocht dit laatste niet het geval zijn, dan bepalen de Provinciale Statenverkiezingen indirect met welke andere partijen de coalitie een meerderheid kan vormen in de Eerste Kamer. Dan blijkt dus of D66, ChristenUnie en SGP hun sleutelrol kunnen voortzetten.

Kortom, de uitslag van de Provinciale Statenverkiezingen is medebepalend voor de stabiliteit van het kabinet tot de Tweede Kamerverkiezingen van 15 maart 2017. Daar komt bij dat spanningen rondom de campagne voor en de uitslag van de Provinciale Statenverkiezingen ook een op zichzelf staande factor zijn die de stabiliteit van de coalitie kunnen beïnvloeden. Hier staat tegenover dat een groot deel van de wetgeving die nodig is voor het bezuinigingsbeleid, in het voorjaar van 2015 al door de Eerste Kamer zal zijn geloodst. Dit betekent tegelijkertijd dat partijen alvast piketpaaltjes gaan slaan voor de volgende kabinetsperiode.

Vooruit kijken naar volgende kabinetsperiode
Een grote vraag blijft wat de verdere binnenlandse politieke gevolgen zijn van de crisis na de ramp met de MH17 en in hoeverre de VVD en de PvdA politiek hun voordeel kunnen doen met een aantrekkende economie. De recente vergrijzingsstudie van het CPB laat zien dat de hervormingen die met steun van de ‘meest geliefde’ oppositie worden doorgevoerd, een gunstig effect hebben op de houdbaarheid van de overheidsfinanciën in 2018. Wie gaat de credits hiervoor krijgen? Het feit dat het CPB een nieuwe vergrijzingsstudie heeft uitgebracht, laat meteen zien dat het nadenken over de uitgangspunten voor de volgende kabinetsperiode alweer is begonnen. De na de zomer verwachte brede beschouwing van staatssecretaris Wiebes op het belasting- en toeslagenstelsel gaat hier waarschijnlijk ook een rol in spelen.

Aanloop naar EU-voorzitterschap
Waar de blikken na de verkiezingen voor het Europees Parlement vooral gericht zijn op de verdeling van de functies in o.a. de Europese Commissie, gaat ons land zich de komende tijd ook storten op de voorbereidingen op het Nederlandse EU-voorzitterschap in de eerste helft van 2016. Premier Rutte heeft dit voorjaar in de Tweede Kamer gezegd dat het volledige werkprogramma begin 2015 wordt vastgesteld, maar wist bij voorbaat al te vertellen wat in ieder geval prioriteiten zullen zijn: hervorming van de begroting, minder geld naar posten die niet bijdragen aan innovatie en economische groei “omdat we dat nu eenmaal al doen sinds 1958”, meer geld naar innovatie en R&D, vervolmaken van de interne markt en energiebeleid.

Kortom…
Samenvattend belooft 2014-2015 een boeiend politiek jaar te worden waarin het kabinet, gesteund door D66, ChristenUnie en SGP, belangrijke stappen kan zetten in het op orde krijgen van de overheidsfinanciën. De Provinciale Statenverkiezingen bepalen in sterke mate hoe de volgende fase van het kabinet-Rutte II eruit gaat zien.

Marcel de Ruiter
Onderzoeker kennispartner Van Oort & Van Oort Public Affairs en Communicatie

 

Terug naar nieuws. Verder naar analyses.

Comments are closed.